donderdag 6 juni 2013

Donderdagmorgen


Om kwart voor 7 schoten de Bredense wegenwerkers vlak voor het kamphuis luidruchtig met breekhamers en trilplaten en slijpschijven in actie maar ongelooflijk…sommigen sliepen er gewoon door.  Toen we om halfnegen gewassen en geschoren beneden arriveerden dachten we in een hotel te zitten, een vijfsterren uiteraard… ONTBIJTBUFFET…. Qua aanbod bijna niet te beschrijven laat staan op te krijgen: fruitsap, melk, koffie, chocolademelk, thee, kilo’s cornflakes, een reuzenmand pistolets, tafelbrede schalen vol vlees en kaas, ter plaatse gebakken roerei, fruitsalade, yoghurt en om te eindigen een afdeling zoetigheid.


Daarna een matiné in het theater: Frits en Freddy waren gelukkig weer vrienden maar Frits zat toch te popelen om zijn Frieda weer te zien. Hij was door het dolle heen toen de vriendinnen arriveerden. Hij en Frieda direct kwetterend en knuffelend als twee tortelduifjes de zetel in maar bij Freddy en Freya zat het hélemaal anders: Freddy ging niet bij haar zitten, hij keek van haar weg, hij wilde niet gezoend worden, hij wist niets te vertellen…  Tenslotte vroeg Frits zijn vriend op de man af wat er eigenlijk met hem scheelde en Freddy vertelde dat hij hélemaal niets van al die verliefdheidssymptonen voor Freya voelde, ze was gewoon een sympathieke vriendin. Dokter Love kwam weer opdagen en Freddy was plots wel zeer enthousiast want hij vond de dokter “een snellen, een knappen én een slimmen” Amai zeg… Dokter Love beschikte bovendien over een flinke dosis gezond boerenverstand want hij raadde een frisse zeewandeling aan omdat daar nogal wat muizenissen in je hoofd zichzelf oplossen.


En of we uitgewaaid werden… de petjes vlogen weg, de golven schuimden hoog, de broeken wapperden en ons haar stond op storm.  Maar sporten deden we en ’t was verdorie vermoeiender dan in de turnzaal in dat rulle zand.


Middagmaal was héérlijke pikante bananensoep, gevolgd door stoverij en appelmoes en nog eens gevolgd door pudding.  Daarna voor de eerste keer een échte kampuitvinding: DE PLATTE RUST en die was voor sommigen toch wat nodig na zoveel zandgeploeter-aan-minstens-6 beaufort.



Meester Pieter toeterde “verzamelen” en wij de eetzaal binnen waar de lange tafels vol lagen met een “geprepareerde” vlieger” die wij mochten versieren.  Blinkend ingesmeerd toen weer richting strand want, hoe koud het er ook voelde, de zon was er wél de hele dag.  Ontroerend mooi, wel 60 vliegers aan in de strakblauwe lucht: om ter hoogst, om ter verst, allemaal op onszelf: ik en mijn vlieger.  Ze wapperden, ze flapperden, ze dansten  maar d’er waren ook wat neerstorters bij om van de in elkaar verstrengelde nog maar te zwijgen. Marcel de Vliegerman was een ware kunstenaar want het werd een prachtige show: reuzengrote exemplaren, bijzonder kleurige, een beer aan een parachute, een snoepjes-vlieger en een héél sexy madame.. Nadien was een douche méér dan nodig want het afvoerputje kreeg kilo’s zand door te spoelen.  Toen we nadien het terras opschreden was het totale metamorfose: frisgestreken bloemetjeshemden, kapsel in de plooi of in de gel, zelfs kostuums en heel veel bonte beach-kledij.  En de langverwachte fuif kon beginnen mét een optreden van drie knappe jonge juffen én een frisse cocktail-met-kiwi en glitterparapluutje uit de keuken, we hebben bijzonder flexibele koks…  We dansten onze ziel uit het lijf want DJ Dieter ként onze muzikale smaak. Het laatste nummer was ons intussen overbekende kamplied en toen was het écht wel bedtijd… sommigen kregen een steuntje in de rug om de trap op te geraken..


Geen opmerkingen:

Een reactie posten